• bezoek ons op adres Leidenlaan 16, 6229EZ MAASTRICHT
  • (+31) (0)43 - 350 21 50
  • info@duroi.nl
Alles over Formeel recht
Belang bij procedure verloren door verwerping nalatenschap
Formeel recht  

Het indienen van een bezwaarschrift tegen een opgelegde aanslag is voorbehouden aan de belastingplichtige. Tegen de uitspraak op het bezwaar kan de belastingplichtige in beroep gaan bij de rechtbank. Bij het overlijden van een persoon behoort een aanslag inkomstenbelasting tot zijn nalatenschap. De erfgenamen zijn dan degenen aan wie het recht van bezwaar en beroep toekomt. Wanneer de erfgenamen de nalatenschap niet aanvaarden, vervalt hun belang bij de nalatenschap met terugwerkende kracht tot de overlijdensdatum. Dat heeft tot gevolg dat zij geen belang meer hebben bij een bezwaar- of beroepsprocedure.

 

De erfgenamen van een overleden ondernemer gingen in beroep tegen de uitspraak op bezwaar betreffende een aan de overledene opgelegde aanslag inkomstenbelasting. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. De erfgenamen stelden hoger beroep in bij Hof Den Bosch. Ter zitting deelden de erfgenamen mee dat zij inmiddels de nalatenschap hadden verworpen. Door de verwerping van de nalatenschap hadden zij geen belang meer bij de nalatenschap. Op grond van het Burgerlijk Wetboek valt de nalatenschap na verwerping door de erfgenamen toe aan de plaatsvervullers. In dit geval waren dat de minderjarige kleinkinderen van de ondernemer. Plaatsvervullers kunnen binnen drie maanden de nalatenschap verwerpen. Doen zij dat niet, dan worden zij geacht de nalatenschap van rechtswege beneficiair te hebben aanvaard. Voor dat laatste geval verzocht het hof om een door de ouders van de minderjarige kinderen ondertekende machtiging om de procedure te voeren. In reactie daarop ontving het hof een brief waarin de moeder van de kinderen verklaarde dat zij namens hen de nalatenschap had verworpen. Hoewel deze brief civielrechtelijk niet gold als verwerping van de nalatenschap door de plaatsvervullers, ging het hof ervan uit dat de plaatsvervullers niet aan het verzoek van het hof om een machtiging over te leggen hadden voldaan. Het hof concludeerde dat de plaatsvervullers de procedure niet wensten voort te zetten. Het hoger beroep was met terugwerkende kracht niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van belang.

  • 22-03-2012
  • Info du ROI